Jeroen Prossé, Klinisch psycholoog, seksuoloog & narcisme expert

Narcismeblog: "52 weken zonder de narcist" - Week 47: Waarom zelfregulatie zo moeilijk geworden is na narcisme in je leven?

Vanuit de praktijk waar ik dagelijks luister. Naar jouw verhaal. Naar jullie strijd.

Rouwen om een narcistische relatie, narcisme

Na een narcistische relatie denken veel mensen dat de grootste storm voorbij is.
De ruzies, de manipulaties, de gaslighting – allemaal achter de rug. En toch… blijft er iets onrustigs.
Je zou rust moeten voelen, maar in plaats daarvan lijk je een voortdurende binnenbrand te blussen.
Je lichaam is moe, je gedachten schieten alle kanten op. Slaap lukt niet goed, eten gebeurt te veel of te weinig, emoties lijken zonder filter te komen.
Zelfregulatie – dat simpele, stabiele evenwicht waar anderen blijkbaar moeiteloos in bewegen – voelt plots als een verre, theoretische luxe.

Je zenuwstelsel kent de weg niet meer

In een gezonde relatie leert je lichaam: “ik ben veilig.”
Je zenuwstelsel kan dan flexibel bewegen tussen activeren en tot rust komen.
Maar in een narcistische relatie raakt dat hele systeem ontregeld.
Veiligheid werd er afwisselend gegeven en weggenomen. Liefde kwam met voorwaarden, rust was onvoorspelbaar.
Je lichaam ging overleven in plaats van leven.

Dat overlevingssysteem – gestuurd door de amygdala en het autonome zenuwstelsel – is bedoeld voor korte dreiging, niet voor jarenlange emotionele chaos.
Door voortdurende spanning produceert het lichaam meer stresshormonen (cortisol, adrenaline), waardoor de hersenen in een soort hyperwaakstand blijven.
Zelfs lang nadat de relatie voorbij is, reageert dat systeem nog op de herinnering aan dreiging.
Een berichttoon. Een stemgeluid. Een blik in de spiegel.
Alles kan onbewust een echo oproepen van vroeger, waardoor je lichaam opnieuw in alarm schiet.

Van hypercontrole naar instorting

Tijdens de relatie ontwikkel je overlevingsstrategieën.
Je leert piekeren om te voorkomen dat iets fout loopt.
Je past je eten aan omdat spanning op de maag slaat.
Je slaapt oppervlakkig, want echte overgave is gevaarlijk.
Je emoties worden gedempt, want voelen betekent kwetsbaar zijn.

Na de breuk lijkt dat gedrag ineens “ongepast” of “ongezond”, maar in feite is het nog steeds een vorm van bescherming.
Het is de logica van een systeem dat nog niet weet dat het gevaar voorbij is.

Sommigen vallen na het einde van de relatie in een patroon van hypercontrole: strakke schema’s, diëten, overmatig sporten, nooit stilstaan.
Anderen zakken juist door: futloosheid, emotioneel eten, niet kunnen slapen, dissociatie.
Beide zijn twee gezichten van hetzelfde trauma: een zenuwstelsel dat zijn evenwicht kwijt is.

Cptss - Fysieke gevolgen van narcistische relaties

Het brein herprogrammeren

Herstel van zelfregulatie is niet enkel een kwestie van wilskracht.
Het is hersenwerk – letterlijk.


De prefrontale cortex, het hersengebied dat helpt bij plannen en zelfbeheersing, wordt minder actief bij chronische stress.

Daarom voelt het alsof je rationeel wel weet wat goed zou zijn (“ik moet slapen, ik moet gezond eten”), maar je lichaam niet meewerkt.


Zonder herstel van het lichaam blijft de geest in kringetjes lopen.

De polyvagaaltheorie vertelt dit mooi:
zelfregulatie komt pas als het zenuwstelsel weer leert dat rust veilig is.
Dat vraagt tijd, herhaling en zachte signalen van veiligheid.


Geen forceren. Geen “nu moet ik me beheersen.”


Maar minieme hertrainingsmomenten:
ademen, wandelen, warm douchen, verbinding zoeken met iemand die wél voorspelbaar is.

stilte na de storm

De leegte na de storm

Veel overlevers herkennen ook het moment dat alles eindelijk stil wordt.


De relatie is voorbij, de spanning zakt – en wat overblijft is… leegte.


Geen adrenaline meer, geen constante prikkeling.
Het lijkt rust, maar het voelt als niets.


En dat niets is beangstigend.

In die leegte komt vaak de oude pijn boven: rouw, eenzaamheid, schaamte, het gemis aan bevestiging.
Zelfregulatie voelt dan als een gevecht tegen die leegte.


Je grijpt naar eten, scrollen, of naar een nieuw contact – niet omdat je “zwak” bent, maar omdat je zenuwstelsel nog zoekt naar een anker.

Het lichaam wil eerst weten dat het veilig is

De kern van herstel ligt dus niet in discipline, maar in veiligheid.
Je lichaam moet eerst geloven dat het niet meer bedreigd wordt.
En dat geloof groeit niet door regels, maar door herhaling.
Door kleine, voorspelbare ervaringen van rust.

Dat kan zo concreet zijn als:

  • ’s ochtends even blijven liggen en voelen dat je ademhaling kalmeert.

  • Een vast avondritueel creëren: licht dimmen, een geur, een klank.

  • Grenzen stellen zonder uitleg of schuldgevoel.

  • Iemand toelaten die niet prikkelt, maar verzacht.

Zelfregulatie is niet: “ik heb alles onder controle.”
Het is: “ik mag voelen, zonder dat ik overspoeld word.”

Herstel als relationeel proces

Regulatie is oorspronkelijk iets wat we leren via anderen.
Een baby die huilt, wordt gekalmeerd door een ouder.
Die externe regulatie vormt de basis voor interne regulatie.
In een narcistische relatie gebeurt het omgekeerde: jouw emoties werden genegeerd, bestraft of gebruikt.
Je zenuwstelsel raakte dus niet enkel overbelast, het raakte ook eenzaam.

Daarom helpt herstel niet enkel via therapie of meditatie, maar ook via nieuwe verbindingen.
Contacten waarin je niet hoeft te performen.
Waar stilte niet gevaarlijk is.
Waar nabijheid geen schuldgevoel oproept.
In die context leert je lichaam opnieuw wat co-regulatie is – het zacht afstemmen op een ander zonder jezelf te verliezen.

Narcisme expertise Jeroen Prossé in gesprek

De weg terug naar binnen

Zelfregulatie na narcistisch misbruik is dus geen rechte lijn.
Het is eerder een langzaam ontwaken: van overleven naar aanwezig zijn.
Soms met vallen, soms met terugval.
Maar elke keer dat je bewust pauzeert in plaats van te pleasen,
elke keer dat je eet omdat je honger voelt en niet omdat je leegte wilt vullen,
elke keer dat je je emoties benoemt zonder jezelf te veroordelen,
herstelt er iets fundamenteels: vertrouwen.

Niet enkel in jezelf, maar ook in de wereld.

En misschien is dat wel de kern van heling na narcisme:
niet het terugvinden van controle,
maar het terugvinden van zachtheid.


Een zenuwstelsel dat eindelijk mag rusten.

 

Tot volgende week

Jeroen

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Kleine reminder