Dagboek van een psycholoog
Een dag in IJsland
Ik stond stil.
Dat gebeurt me niet vaak.
Vroeg in de ochtend, de zon enkel te vermoeden achter de horizon.
Muts op, sjaal aangesnoerd met de rug in de wind.
Ik nam tijd.
Zoals mijn vrouw, familie en collega’s weten ben ik iemand die zichzelf moeilijk kan uitzetten.
En hoe drukker het wordt, hoe harder ik mezelf uitdaag om nog meer te doen.
Mijn creativiteit is een zegen en een vloek.
Hoe vermoeider ik ben, hoe creatiever.
Rust vinden gebeurt enkel wanneer het mij opgelegd wordt.
En nu, hier, in IJsland, gebeurt het me weer.
(Her)ontdekken
Ik stond op het zwarte zandstrand van Reynisfjara, en voor het eerst in lange tijd voelde ik me niet leeg.
Er was alleen stilte, op het constante gebulder van de oceaan na.
De golven rolden in en uit, als een ademhaling van de aarde zelf.
Ze spoelden de kiezels glad en de barsten in mijn zelfzorg toe.
Zoveel van mijzelf staat ten dienste van anderen en als een typische zorgverlener geef ik vaak teveel.
En hoewel ik erg kan opladen van mensen te ondersteunen, kost het mij ook emotionele en mentale ruimte.
Deze vakantie was er eentje die ik al lang nodig had.
Een ontdek- vakantie.
Een ‘dit zet alles in perspectief’ vakantie.
Een vakantie om te herontdekken hoe graag ik ontdek.
Onder lichte jaloezie ( van mama én echtgenote) trok ik naar Ijsland, met mijn papa.
Voor zij die het niet weten, ik ben erg close met mijn beide ouders, maar mijn papa en ik, dat is een band zonder woorden, zonder verwachtingen.
En de man is altijd zo lief om met mijn mama naar de warme landen te trekken en zijn avonturen op hun beiden af te stemmen.
Buiten mij (en mijn lieve vrouw Elise) gerekend. Een vader-zoon vakantie zou het worden.
Fototoestellen opladen en gaan. Van Reykjavik tot Joküllsarlon (en terug) in 6 dagen.
Avontuur!
Opladen
Dus ik sta daar, wind in de rug, golven van een metertje of anderhalf die donderend op me afkomen, op één van de mooiste plaatsen van Ijsland. De eerste van drie op dezelfde dag.
Terwijl papa de bekende basaltformaties vastlegt op beeld, wandel ik verder richting Dyrholay, via het strand. Mijn hoofd is enkel gevuld met de golven, het licht en het zand onder mijn voeten.
Het fototoestel aan mijn zijde zwaait mee in de kadans van mijn gestap.
Ik voel mij klein. Onbetekenend.
Niet negatief, maar op een ‘in the grand scheme of things’. Ik ben een kleine mens tegenover die overdonderende natuur. Ik voel mij klein en doe wat ik vermoed iedereen doet in deze setting: aanvaarden.
Aanvaarden dat je klein bent.
Dat je maar een mens bent.
Dat er zo veel dingen niet onder jouw controle vallen.
Net dat doet deugd.
In mijn praktijk is dat namelijk vaak het omgekeerde.
Daar weiger ik te aanvaarden dat iets niet te veranderen is; en strijd ik tot ik er bij neerval om verbetering te zoeken, mijn creativiteit aanwendend om te zoeken naar de juiste catalysator.
Maar hier, kan ik alleen maar zijn.
Zwarte zand rechts, zwarte zand links.
En hoewel ik die dag duidelijk niet de eerste was die deze route nam, getuige de enkele voetsporen enkele meters verder, was het wel een eerste groot moment van rust voor mij.
Verder...
Een honderd kilometer verder gebeurde het weer.
De ‘zwijnengletsjertong’.
Blauw gletsjerijs, die typische ijsriviervorm en een papa die een bucketlistitem afvinkt van zijn lijst.
En ik die er zielsgelukkig van werd.
Om dat moment, daar, te mogen observeren.
Een fotografie toplocatie met twee amateurfotografen die geen verantwoording aan de klok (of partner met andere interesses) af te leggen hebben.
En weer voelde ik mij klein.
Klein omdat wij, met twee, gewoon konden zijn, blij met ons speelgoed en de plaats waar we waren. In een eigen wereldje.
Klein omdat er geen verwachtingen moesten ingelost worden.
Klein omdat de enige verantwoordelijkheid in het moment, genieten was.
Weet je, ik schakel soms erg moeilijk af, verbeten om mijn doel te halen en gefocused op resultaat.
En hoewel de verhalen van cliënten zwaar kunnen zijn, lukt het me wel vaak erg goed om deze van me af te zetten, maar dat verandert niets aan mijn hoofd dat eeuwig nieuwe oplossingen blijft bedenken voor de patronen en het leed dat ik zie.
Op het verste punt
Helemaal aan de Joküllsarlon, ver voorbij valavond, in mijn eigen warmtebubbel en mijn fototoestel op statief voor mij daagde het mij.
Hoewel deze vakantie in het teken stond van genieten met mijn papa, betekende deze vakantie ook iets totaal anders voor mij.
Een herinnering aan wat ik nodig heb.
Aan meer zelfzorg.
Aan meer tijd om stil te staan.
Aan genieten van wat ik aan het doen ben.
Want ik heb de mooiste job in de wereld. Mensen mogen zien groeien.
Ik heb niet alles onder controle.
En ik mag zelf doen wat ik aan mijn cliënten meegeef.
Zorg voor jezelf.
Neem tijd.
Na een monotone lange rit, kwamen we weer aan ons huisje.
Na wat gedoe met ons onbedoeld bevroren avondeten, keken we naar buiten.
Onze zonovergoten, van mentale rijkdom overvloeiende dag werd afgetopt met ons eerste visuele passage van het noorderlicht.
Meer bewijs dat voor jezelf zorgen beloond wordt, had ik niet meer nodig die dag.
Zorg voor jezelf,
Neem tijd
Geniet.
Ik ben er weer vanaf maandag, klaar om genieten van jouw groei.
Tot dan
Jeroen